|
|
|
|
| 13 februari 2011- Zesde zondag |
|
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||||
|
Lezingen:
Jezus Sirach 15,15-20
Wenst u de preken
thuis in uw elektronische postbus
te ontvangen?
U kunt
reageren
|
Is de ethiek, die Jezus in
de Bergrede verkondigt zo
bevrijdend? Was de Joodse Wet dan
niet gemakkelijker? Tot daar is de grens, ga je erover dan bega je een
fout, maar wat er van binnen in je omgaat blijft buiten beschouwing.
Heeft het onderzoeken van de intentie, van verborgen motieven niet
geleid tot een verpletterend schuldgevoel? U hebt misschien in uw
studietijd nog van die geleide gewetensonderzoeken gevolgd door een
persoonlijke biecht meegemaakt waarbij niets meer overeind bleef. Ik ben
ervan overtuigd dat men in die periode de basis legde voor de grote
uittocht die we de laatste decennia meemaken. Plots pakte de tirannie
van schuld en zonde niet meer en gooide men de zielenknijpende
mentaliteit van zich af.
Was deze nieuwe ethiek van Jezus dus wel bevrijdend?
We weten zelfs niet eens meer wat Jezus zelf heeft gezegd. Heeft
Matteüs zijn uitspraken naar zijn hand gezet om zo zijn Joodse
christenen gerust te stellen? Of moeten we met Paulus juichen dat
dankzij Christus de oude Wet is begraven en voortaan enkel nog de
vrijheid van de Geest bestaat?
Sta mij toe even een stap achteruit te zetten
vooraleer ik een zinnig antwoord kan geven op het probleem dat ik
oproep. Tegelijk moet ik op een tweede aspect wijzen. In de
tijd van de Romeinse bezetting en zeker na de verwoesting van Jeruzalem
en de deportatie van tienduizenden mannen en vrouwen naar Rome was er in
Israël een diep vacuum gekomen. De Farizeeën kozen de kant van het
gewone volk tegen de opperklasse die al te graag met de bezetter en de
nieuwste mode meedeed. De Farizeeën trachtten met de beste bedoelingen
de overgeleverde waarden te bewaren en zo het gewone volk op het goede
spoor te houden. Vandaar de neiging om steeds strikter en strikter voor
te schrijven wat men moest doen en laten. Heel vreemd komt dat niet
over. En Jezus dan, is Hij nog op het goede spoor? Men
heeft het dikwijls voorgesteld alsof Jezus een nieuwe Wet tegenover de
oude plaatste, vandaar dat men sprak over de 6 antithesen. Het gaat
echter niet om ‘anti’, maar om radicaliseringen. Letterlijk: om
raadgevingen die je naar de radix brengen. Jezus wijst op het
feit dat woede de eerste aanzet tot moord is, dat egoïstisch zoeken van
lust bron is van overspel, brutaliteit escaleert in slagen en
verwondingen. Verrassend voor mij was wat Peter Schmidt hierbij opmerkt.
Hij schrijft:
"(Het gaat hier om een houding) die niet
meer opgelegd kan worden, zelfs niet geëist. Tot die radicaliteit
van beleving die geen andere is dan de liefde, kan je enkel
uitgenodigd worden. De Bergrede spreekt in die zin over een Wet die
geen wet meer is." (In: Ongehoord, christen zijn volgens de
Bergrede, p. 120)
De nieuwe Thora van Jezus is niet bedoeld om mensen
te verknechten, maar wil hen op een nieuwe, creatieve manier doen
mijmeren over hun innerlijke houding. Jezus heeft het over een soort van
mateloosheid die echter nooit wordt geëist, maar een richting wijst
naar de mateloosheid waarmee God zich met ons heeft verbonden. En op die
manier is het belangrijk altijd opnieuw de tekst te lezen en te
overwegen.
Marcel Braekers o.p.
|